| |
Artikelen uit de nieuwsbrieven
Transitie van zorg
L. van den Hout, co-assistent geneeskunde azM
Dr. J.J.P. Schrander, kinderarts azM
A. Wagemans, arts verstandelijk gehandicapten, Stichting St.Anna, locatie Maasveld, Maastricht en azM
Prof. dr. L.M.G. Curfs, psycholoog azM
Prof. Dr. C.T.R.M. Schrander-Stumpel, klinisch geneticus/kinderarts azM
Nieuwsbrief nummer 10, december 2005
Transitie van zorg bij patiënten met een verstandelijke handicap
en complexe medische problematiek.
Inleiding.
In Nederland leven op dit moment ongeveer 32.200 kinderen
en 71.000 volwassenen met een verstandelijke handicap1,2.
Bij mensen met een verstandelijke handicap zijn er verschillende
oorzaken, zoals een aangeboren afwijking, een zeldzaam
(of minder zeldzaam) genetisch syndroom of perinatale problematiek.
De prognose voor deze mensen is, door betere diagnostiek
en betere behandelingstechnieken, de afgelopen decennia
enorm verbeterd3. In de gezondheidszorg ontstaat zo een
nieuwe generatie verstandelijk gehandicapte volwassenen met
vaak complexe medische problematiek.
De zorg voor verstandelijk gehandicapte kinderen.
Kinderen met een verstandelijke handicap worden in veel gevallen
regelmatig gezien door een vaste kinderarts. In het Academisch
ziekenhuis te Maastricht bestaat er voor kinderen met
een aangeboren afwijking en/of een ontwikkelingsstoornis een
speciale polikliniek. De kinderarts die dit spreekuur leidt, onderzoekt
de kinderen op reguliere basis en probeert vroegtijdig
gezondheidsproblemen en sociale problemen te signaleren.
Tijdens het spreekuur bestaat er voor ouders en patiënt voldoende
ruimte vragen van allerlei aard te stellen. Wanneer er
problemen zijn, wordt geprobeerd deze direct op te lossen. Niet
zelden wordt hierbij de hulp van andere specialisten of instanties
ingeroepen. In veel gevallen, worden de kinderen gezien op
een spreekuur waarbij ook de kinderneuroloog en de klinisch
geneticus aanwezig zijn. Op deze manier wordt zo goed mogelijk
gecoördineerde zorg geboden aan kinderen en ouders.
Wanneer deze kinderen de volwassen leeftijd bereikt hebben,
verloopt overdracht van zorg richting volwassenenzorg vaak
problematisch.
Transitie van medische zorg.
Het is voor een kinderarts niet eenvoudig een collega binnen
de volwassenenzorg te vinden die de coördinatie van de zorg
overneemt. Het gaat hier immers niet alleen om de medische
zorg, de bewaking/begeleiding dat andere specialisten goed
betrokken blijven, maar ook om de psychosociale support van
de betrokken persoon en zijn of haar ouders/familieleden/verzorgers.
Het zal tijd en moeite van een arts binnen de volwassenenzorg
vragen, zich in de complexe problematiek van een
verstandelijk gehandicapte patiënt te verdiepen. Ten tweede
is het voor de patiënt zelf vaak moeilijk kennis te maken met
een nieuwe arts. De patiënt en zijn ouders zijn vaak jaren op
het spreekuur bij de kinderarts gekomen en vinden het vaak
niet eenvoudig een vertrouwensband op te bouwen met een
nieuwe arts. Ten derde functioneert de gezondheidszorg op het
gebied van volwassenen heel anders dan binnen de kindergeneeskunde.
Terwijl binnen de kindergeneeskunde beslissingen
vaak in overleg met ouders worden gemaakt, wordt de patiënt
binnen de volwassenenzorg geacht onafhankelijk zijn eigen beslissingen
te nemen. In de volwassenenzorg wordt er dan ook
over het algemeen minder aandacht besteed aan de ouders en
familie van de patiënt4.
Bovengenoemde knelpunten met betrekking tot de overdracht
van zorg resulteert soms in situaties waarin te weinig zorg
wordt geboden. Ook ontstaan er situaties waarin het onduidelijk
is welke arts het vaste aanspreekpunt met betrekking tot de
zorg is. Gebrek aan coördinatie kan er toe leiden dat patiënten
met complexe problematiek door veel verschillende specialisten
gezien worden. De zorg raakt dan versnipperd.
De zorg voor volwassen verstandelijk gehandicapte patiënten.
Wanneer de zorg voor een patiënt zich verplaatst van kinder-
naar volwassenengeneeskunde, is het belangrijk dat er oplossingen
voor bovenstaande knelpunten en problemen worden
bedacht. Een gezamenlijk spreekuur waarbij de arts voor volwassenen
en de kinderarts samen de patiënt en zijn ouders
zien, kan de overgang van zorg en het opbouwen van een vertrouwensband
met de nieuwe arts eenvoudiger maken. Ook is
een goede overdracht van kennis en patiëntinformatie tussen
de kinderarts en de nieuwe arts zeer belangrijk. Administratieve
ondersteuning met een up-to-date en compleet patiëntendossier
is hierbij van onschatbare waarde. Verder kan de zorg
voor een verstandelijk gehandicapte patiënt complexe vormen
aannemen. Zeker wanneer er sprake is van een zeldzaam genetisch
syndroom, zijn er vaak meerdere specialismen betrokken
bij de zorg van de patiënt. Voor de arts binnen de volwassenenzorg
die de patiënt begeleidt, is het belangrijk de zorg zo goed
mogelijk te coördineren en eventueel een netwerk van specialisten
voor de patiënt te creëren5. Tot slot zal de coördinator op
het gebied van de volwassenenzorg zich moeten realiseren niet
alleen met een verstandelijk gehandicapte patiënt van doen te
hebben, maar ook met zijn ouders, familie en eventueel school,
instelling en werkplek6.
Sinds 2004 is er in het Academisch ziekenhuis Maastricht een
speciale poli opgezet die als belangrijkste doel heeft de zorg
voor volwassen patiënten met een verstandelijke handicap te
coördineren. Het spreekuur wordt verricht door een klinisch
geneticus en een arts voor verstandelijk gehandicapten (AVG).
De belangrijkste doelen van de polikliniek zijn zoals genoemd
coördinatie van zorg, begeleiding van complexe problematiek,
continuering van zorg en het bieden van een goede kwaliteit van
zorg die leeftijds- en ontwikkelingsspecifiek is. Deze polikliniek
is bedoeld voor patiënten met een verstandelijke handicap en
complexe medische problematiek. Het gaat om medisch-specialistische
zorg, maar ook om psychosociale ondersteuning.
Tijdens een bezoek is er voor de patiënt en eventueel de ouders
voldoende ruimte om vragen en problemen van allerlei aard
aan de orde te stellen. De nadruk ligt op ontwikkelingen bij
jongvolwassenen, zoals puberteitsontwikkeling, beroepskeuze,
dagactiviteiten, relaties en seksualiteit. Voor problemen wordt
geprobeerd een directe oplossing te zoeken en zorg op maat
te bieden. Al naar gelang de problematiek van de patiënt kan
ervoor worden gekozen het spreekuur vaak of minder vaak
te bezoeken. De polikliniek beoogt een grote toegankelijkheid
voor patiënt en ouders. Patiënten en ouders zijn buiten hun reguliere
afspraken ook welkom wanneer er problemen zijn. Bij
kleine problemen of vragen kan eenvoudig telefonisch overlegd
worden; via email is een soort van internetspreekuur mogelijk.
De opzet van deze polikliniek is, voor zover ons bekend, uniek.
De reacties van de verstandelijk gehandicapte volwassenen en
hun ouders zijn zeer positief.
Conclusie.
De transitie van zorg van kindergeneeskunde naar volwassenengeneeskunde
verloopt bij kinderen met een (complex)
genetisch syndroom en/of een verstandelijke handicap niet
altijd even vlekkeloos. Door signalering van een aantal knelpunten
met betrekking tot transitie van zorg en te proberen
een oplossing te zoeken voor deze knelpunten, ontstond in
Maastricht de opzet voor een poli gericht op volwassenen
met een verstandelijke handicap. Het Academisch ziekenhuis
Maastricht is hiermee het eerste ziekenhuis in Nederland dat
een dergelijke polikliniek heeft opgezet. Deze ontwikkeling
komt het welzijn van personen met een verstandelijke handicap
en hun ouders hopelijk ten goede.
Referenties.
- Rapportage gehandicapten 2002.
www.brancherapporten.minvws.nl
- Van Schrojenstein Lantman-de Valk HMJ,
van Heurn-Nijsten EWA, Wullink M. Prevalentie-onderzoek
mensen met een verstandelijke beperking in Nederland.
Maastricht: Universiteit van Maastricht, 2002
- Donckerwolcke RAMG, van Zeben-van der Aa DMCB.
Overdracht van zorg voor adolescenten met chronische
ziekten: van kindergeneeskunde naar specialismen voor
volwassenen. Ned Tijdschr Geneeskd 2002;146:675-678
- McDonagh JE, Kelly DA. Transitioning care of the
pediatric recipient to adult caregivers.
Pediatr Clin N Am 2003;50:1561-1583
- American Academy of Pediatrics, American Academy of
Family Physicians and American College of Physicians American Society of Internal Medicine. A consensus
statement on health care transitions for young adults
with special health care needs.
Pediatrics 2002;110:1304-1306
- Rosen D. Between two worlds: bridging the cultures
of child health and adult medicine.
J Adolesc Health 1995;17:10-16
Contact.
Telefoonnummer polikliniek voor verstandelijk
gehandicapten te AzM: Polikliniek klinische genetica
Tel.: 043 - 387 58 55

NKS home page ||
Feiten over Kabuki ||
Naslag materiaal ||
Discussielijst
Gerelateerde pagina's ||
Professionele adviesraad ||
Over het NKS
Bedankt voor Uw bezoek
© 2000, Netwerk Kabuki Syndroom.
|