| |
Artikelen uit de nieuwsbrieven
Kabukidag - Impressies
Nieuwsbrief nummer 2, april 1999
Op 31 oktober was onze eerste gezellige, interessante Kabuki-dag.
Wij reden samen met een familie naar Maarn. Wij hadden er veel
meer families verwacht en vooral wat oudere Kabuki-kids.
Mevrouw Schrander was interessant, niet te kort en ook niet te lang.
Het middagprogramma wat te inspannend. Daarom was het natuurlijk
irritant dat de kinderen wat rumoeriger werden. Misschien is het
gezelliger om 's middags in groepjes wat te discussiëren of
gezellig te praten. Dan is het niet zo storend als één van de
kinderen ertussen komt.
De vlaai was lekker en de lunch was goed.
Wij zouden graag wat meer over het gedrag van Kabuki kinderen
te weten komen. Kijken of hier ook veel overeenkomsten zijn.
Wij zouden het ook leuk vinden als Kabuki kinderen zelf iets
zouden vertellen, bijvoorbeeld over school, hobby's, vrienden etc.
Een moeder
Zaterdag 31 oktober was het weer zover, de Kabuki-dag werd weer
gehouden. De organisatoren hadden een interessant dagprogramma
samengesteld. Deze begon rond half elf met koffie en echte
Limburgse vlaai. Het was leuk om iedereen weet te zien.
De kinderopvang was ook weer uitsteken geregeld, zodat de ouders
rustig konden praten en luisteren.
Els Vergouwen heette iedereen hartelijk welkom en speciaal
mevrouw dr. Schrander-Stumpel en Mieke van Leeuwen. Els merkte
op dat bijna alle genodigden waren gekomen en verwelkomde ook
enkele nieuwe gezichten.
Daarna gaf Els het woord aan mevrouw dr. Schrander-Stumpel.
Zij is klinisch-geneticus en in deze hoedanigheid verbonden
aan het Klinisch Genetisch Centrum in Maastricht. Zij heeft
verschillende artikelen over het Kabuki syndroom op haar naam
staan. Aan de hand van dia's vertelde zij het een en ander over
het syndroom. Onderzoek naar dit syndroom kost veel tijd en geld.
Na haar interessante vertelling was het tijd voor een goed
verzorgde lunch.
De geplande discussiegroepen gingen vervolgens niet door, daar
bijna unaniem gekozen was voor ontwikkelingsstimulering. Naar
aanleiding hiervan hadden de organisatoren de heer Henk Dijk
uitgenodigd. Hij kwam vertellen over de methode van Feuerstein,
waarmee opmerkelijke resultaten zijn behaald, bij allerlei
verschillende groepen mensen. Stimuleren en aanzetten tot
denken zijn belangrijke doelen in het Feuerstein programma.
Na dit boeiende verhaal was het theetijd en tevens alweer het
einde van een informatieve dag. Graag wil ik dan ook de
organisatoren: Clara van de Hout en Arij Everaarts, Katja van
der Valk en Anton Maas, Els en Jos Vergouwen-Knapen langs deze
weg enorm bedanken voor deze dag. Het was uitstekend verzorgd.
Vriendelijke groeten,
Een ouder
Zaterdag 31 oktober brachten wij eerst onze zoon weg. Daarna op
weg naar Maarn. Er zaten al wat gezinnen binnen. Wij zelfs zagen
gelijk wel herkenning in de andere kinderen. Hier waren wij heel
nieuwsgierig naar geweest. Dokter Schrander deed hierna haar
verhaal en ook hier vonden wij veel in terug van wat we bij
Stephanie ook al kenden. Alleen toen ze naderhand alle kinderen
afging vond ze het Kabuki-syndroom bij onze dochter twijfelachtig.
Wij zeiden toen dat we misschien wel weer terug gingen naar het
A.M.C. voor een nieuw onderzoek, maar dit brengt dan weer zoveel
onzekerheden met zich mee dat we er toch van af zien.
Wat ik jammer vond van de ontmoetingsdag is dat we geen kringgesprek
konden voeren, zodat je bepaalde problemen naar voren kon brengen.
Zo zijn we nu bij de kinderarts bezig geweest met onderzoek naar
de lengte van onze dochter (wie herkent dit?). Ze hebben gekeken
of ze wel genoeg groeihormonen aanmaakt (twee maal een dagopname).
Het blijkt nu dat ze het wel aanmaakt, maar in zo'n kleine
hoeveelheid dat ze het groeihormoon nu willen gaan toedien. Wie
heeft hier al ervaring mee en kan met ons ervaringen uitwisselen?
Een ouder
Els Vergouwen vroeg mij om een stukje te schrijven naar aanleiding
van de bijeenkomst van 31 oktober. Tja, wat schrijf je dan. Ik vond
het gewoon heel hartverwarmend. Er is zoveel herkenning en zoveel
contact tussen mensen die elkaar anders misschien nooit waren
tegengekomen.
Elk kind is uniek en bijzonder op zijn eigen manier. Dat zie je
ook goed wanneer je op zo'n ochtend een aantal kinderen met Kabuki
syndroom tegelijk ziet. Doorgaans zie je als ouder alleen je eigen
kind en is er daarnaast de afstandelijke literatuur. Nu zijn er
ineens veel meer kinderen tegelijk en veel ouders tegelijk met
ieder hun eigen verhaal. Ondanks alle verschillen tussen de kinderen
'zie' je dan toch op een andere manier de kenmerken uit de
beschrijvingen terug. Het 'syndroom' is natuurlijk maar een klein
stukje van de puzzel. Maar toch, wanneer dit stukje past is er wat
meer houvast voor de toekomst.
Dat is ook de waarde van een oudernetwerk. Er is nog zoveel onbekend
over zo'n zeldzame aandoening als Kabuki syndroom is. De uiterlijke
kenmerken zijn beschreven, er zijn wat medische zaken op een rijtje
gezet, maar de 'gewone' dingen zijn voor het grootste deel nog niet
in kaart gebracht. En juist die gewone dingen zijn ook zo belangrijk
in het dagelijks leven. Els Vergouwen en Katja van der Valk hebben
al een begin gemaakt met het in kaart brengen van deze gewone dingen
door de vragenlijst die alle ouders hebben ontvangen, hierdoor kan
een soort overzicht gemaakt worden van de ontwikkeling van de
kinderen uit het netwerk. Daarmee geef je 'nieuwe ouders' een soort
houvast.
Ik denk dat één van de 'akelige' dingen van zo'n onbekende diagnose
als 'Kabuki syndroom' is, dat je na een tijd van zoeken eindelijk
denkt een antwoord te vinden. Tenslotte wist je al dat er 'iets'
was. Is dat antwoord er dan, dan weet je eigenlijk nog niets.
Niemand kent het, niemand heeft er eerder van gehoord, niemand
kan je vertellen wat je kunt verwachten, wat je mag hopen. Eigenlijk
sta je dan nog meer in de kou. Dan is een oudernetwerk goud waard.
Daar kun je tenminste andere ouders tegenkomen die weten waarover
je praat. Niet dat jouw kind hetzelfde is als hun kind, maar toch.
Er is herkenning en begrip en een prettig soort nieuwsgierigheid.
Ik wil er graag aan meewerken dat het Netwerk slaagt in zijn
bedoelingen. En ik wens jullie als Netwerk Kabuki Syndroom nog
veel warmte en herkenning toe.
Dank voor de gastvrijheid en het contact,
Mieke van Leeuwen,
Federatie van Oudervereningen
Het was even zoeken voor ons om het gebouw `De Regenboog' te vinden,
omdat het voor ons de eerste keer was. De binnenkomst was natuurlijk
erg spannend, omdat bij onze Andy nog niet vastgesteld was of hij het
syndroom heeft of niet. Gelukkig voelde we ons al snel thuis. De vraag
of Andy het Kabuki syndroom heeft of niet, heeft ons natuurlijk erg
bezig gehouden. Aan het eind van de dag hebben wij voor onszelf
geconcludeerd dat we er nu maar van uit moeten gaan dat hij het
heeft. Vooral omdat een aantal ouders hun kind herkende in onze Andy.
Ik vond het fijn om allerlei vragen te kunnen stellen over de
kinderen, waarvoor ik me in een andere situatie voor had gegeneerd.
Wij zijn vooral heel erg geholpen wat betreft de ervaringen van de
andere met de voedings-problemen. We waren er al een beetje er
vanuit gegaan dat het nog jaren zou duren voor Andy zou gaan eten.
Maar dit strookt heel duidelijk niet met de ervaringen van anderen.
Voor ons een hele stimulans om er toch weer werk van te maken, en
niet bij voorbaat te kiezen voor een maagsonde (PEG).
Maar ook allerlei andere tips en opmerkingen hebben ons erg geholpen.
Ook moet ik zeggen dat we erg genoten hebben van deze dag, vooral
ook van de kinderen.
Fam. Faase.

NKS home page ||
Feiten over Kabuki ||
Naslag materiaal ||
Discussielijst
Gerelateerde pagina's ||
Professionele adviesraad ||
Over het NKS
Bedankt voor Uw bezoek
© 2003, Netwerk Kabuki Syndroom.
|